3 januari 2010

Oliebollen bakken bij de schoonouders

Het is dertig december, mijn schoonouders zijn van Nederlandse komaf, en schoonvader Albert wil oliebollen gaan bakken. Mijn vrouw, Paula, had een weekje eerder, zonder mijn medeweten, mij hiervoor als vrijwillige hulp opgegeven.
Wat moet je, als nieuwbakken schoonzoon in Canada, met schoonouders van ruim tachtig. Positief gestemd oliebollen bakken met een oudere heer, die regelmatig geveld word door vermoeidheid, verlammingsverschijnselen en kortademigheid. Paula belde ‘s ochtends naar haar ouders om te checken of alles in gereedheid was gebracht. Albert vertelde dat we rond tienen konden komen, en dat hij reeds 9 appels had geraspt voor het oliebollenbeslag. Paula keek me bezorgd aan, dat betekende dat hij reeds behoorlijk moe moest zijn. Na aankomst dronken we koffie in een te warme kamer, het werd tijd om een beslag te gaan maken.

“Maken jullie ook oliebollen in Holland?” vroeg schoonmoeder Rikki.

Ik legde uit dat we die inderdaad maakten, maar dat dit mijn eerste keer was. Albert toonde mij een vooroorlogse, Nederlandse, luier-emmer, sporen van gebruik nog zichtbaar, waarin het beslag zou worden gemaakt. Een schaal met bruine prut bleek de negen appels te zijn die hij geraspt had.

Recept:
2400 gram bloem
10 eieren
100 gram bakkersgist
1 liter lauwe melk
1 liter water
schaaltje bruin prut
400 gram krenten
400 gram rozijnen

Dit alles werd gemengd in de daarvoor bestemde emmer. Ik poogde het goedje te mengen met een pollepel, dat ging niet echt goed, het was gewoon te veel, te zwaar.

“Maken jullie ook oliebollen in Holland?” vroeg Rikki weer.

Tweede mengpoging met een staafmixer, was geen succes. Albert greep in. Hij hees de emmer in de gootsteen, stroopte zijn mouwen en liet zijn handen zakken in de kleefpasta. Met zijn arm en hand, knijpend en roerend, maakte hij een bruikbaar mengel om mee te bakken, vrolijk vertellend dat zijn handen altijd mooi schoon worden van deze klus. Tevreden met het resultaat schraapte hij zijn handen schoon boven de emmer, en liet niets van het beslag verloren gaan. De kachel werd eens opgestookt om het beslag te laten rijzen. Van 25 graden gingen we nu naar de dertig, alles in het belang van het eindresultaat. Ik was inmiddels al lichtelijk misselijk van de potdichte en te warme huiskamer.

“Maken jullie ook oliebollen in Holland?” vroeg Rikki nogmaals.

Het beslag rees snel en hevig, ik stelde voor de olie maar vast te gaan verhitten. Albert wenste nog enige tijd te wachten. Nadat Albert op zijn knieën een deel beslag uit de emmer in een andere schaal had geschept, om te voorkomen dat het beslag uit de emmer rees, moest ik de man omhoog hijsen omdat hij niet meer overeind kon komen. Het was tijd om de olie te gaan verhitten. Voorzichtig haalde Albert drie flesjes olie uit de kast. Een nieuw flesje en twee flesjes olie van vorig jaar. Trots legde hij uit hoe hij de overgehouden olie van vorig jaar opnieuw ging gebruiken, en maar een nieuw flesje olie had hoeven kopen.
“Olieflesjes niet weggooien Rikki!” riep hij naar schoonmoeder, haar erop wijzend dat de olie na gebruik weer terug moest voor het volgende jaar. De olie werd op het vuur gezet. De olie werd heet, de kamer nog heter, en Albert legde me uit dat je met een stukje brood kon kijken of de olie heet genoeg was. Er werd een stukje brood in de olie gegooid en Albert tuurde goedkeurend naar het gefrituurde stukje boterham. ”Als het bruin wordt is de olie heet genoeg,” zo legde hij me uit.

Zweetdruppeltjes parelden van mijn voorhoofd, ik wilde graag opschieten, maar dat is een bezigheid die niet voorkomt in huize Albert. Tergend langzaam lepelde hij deeg in de olie, erbij vertellende dat het vooral kleine oliebollen moesten worden om te voorkomen dat de binnenkant plakkerig word waardoor zijn kunstgebit kan gaan klapperen. Hij deed er paar voor waarna ik mocht, eindelijk kon ik even opschieten. De inhoud van de emmer begon gestaag te dalen, en Albert en Rikki besloten een paar oliebollen te eten. Ik hoorde een klakkend geluidje. Toen was het even stil.

“Maken jullie ook oliebollen in Holland?” hoorde ik Rikki vragen.

Albert kwam naar me toe, keek in de emmer en vertelde me onderwijl dat ik ze iets kleiner moest bakken, mij opnieuw tonend hoe het gedaan moest worden. ”Ze plakten een beetje van binnen omdat ze te groot zijn” zei hij op serieuze toon, wijzend naar zijn gebit. Hij was vastbesloten was het bakken zelf verder te gaan doen, ik mocht de bollen in de olie nu keren en eruit scheppen. Toen de emmer eindelijk leeg was geschraapt, opnieuw ging er geen druppel beslag verloren, was het inmiddels twee uurtjes later. Ik schat dat er ruim 200 oliebolletjes zijn gebakken. Albert was hevig vermoeid en zag bleek, maar had de klus geklaard. Paula ruimde de boel maar eens op, Albert was aan een dutje toe, en Rikki was al een voorschot op haar dutje aan het nemen. Voor we weg gingen kregen we een zakje oliebollen mee, ze waren lekker.

“Jullie maken zeker ook oliebollen in Holland he?” vroeg Rikki toen ze ons uitwuifde.

Winterdagen kunnen kort zijn maar dit was een lange.

Meer lezen? Dit artikel maakt deel uit van de serie 'Un Canadien Errant'. Deze serie bevat momenteel 8 artikels.
Stem of voeg toe aan:  Plaatsen/stemmen op NUjij Plaatsen/stemmen op eKudos Plaatsen/stemmen op MSN Reporter Plaatsen/stemmen op Bligg.nl Voeg toe aan TagMos.nl Voeg toe aan je Google bladwijzers Voeg toe aan je Facebook-profiel Abonneer je op de RSS-feed van deze site Verstuur deze pagina per e-mail via Feedburner

Deze keer (zondag 3 januari 2010) geheel verzorgd door .

Er is één reactie geplaatst..

  1. Gravatar

    Op 3 januari 2010 om 12:08 zei Frank : Reageer op deze reactie

    Leuk stukje! Ik moest meer lachen dan bij het kijken van de oudejaar oudejaarsconference van Jan Jaap van der Wal :)

    Ik zou gek worden van zo’n dagje oliebollen bakken denk ik.






120 woorden is meer dan genoeg!