10 juni 2009
Een avond op een bankje
Met een boek onder mijn arm liep ik de flat uit, langs de vuilcontainer en de laagbouw naar een bankje aan de rand van de Uithof, uitkijkend op wat grasland en de bomen van Rhijnauwen. De zon kwam nog net boven de bomen ver achter mij uit, maar was snel aan het zakken. Mijn dagen waren druk en vol, maar ik kon nu zeer tevreden met een gevulde maag neerstrijken met mijn boek.
Het was een reeks interviews van Wim Kayzer met enkele vooraanstaande wetenschappers. Hij was nieuwsgierig naar de achtergrond van die wetenschappers, naar de vragen die zij zich in hun kindertijd hadden gesteld en wat daar nu nog van over was. Ik was terecht gekomen in een gesprek met neuroloog Oliver Sacks. Al snel lieten zij de hoofdvraag van het vraaggesprek achter zich en kwamen er vele anekdotes en verhalen naar boven over allerlei patienten en hun aandoeningen. Er was bijvoorbeeld een vrouw geweest, die veertig jaar lang in een soort wakker coma had geleefd, zich nauwelijks bewust van haar omgeving maar wel degelijk in leven. Door toediening van een nieuw medicijn was ze plotseling bij kennis gekomen. Ze gedroeg zich als de twintigjarige vrouw die ze was toen haar ziekte begon, maar in een zestig jaar oud lijf. Het ging echter bergafwaarts met haar gesteldheid, omdat ze zich niet kon plaatsen in een tijd die ze niet kende. En het ging over de universiteit voor doven, waar een hele gemeenschap was ontstaan met gebaren als voertaal. De gebarentaal had zich ontwikkeld tot in een volwaardige vorm, inclusief ironie en woordgrapjes, maar dan in beweging in plaats van in klank. Deze mensen kennen geen klanken en denken dus zonder onze woorden in hun hoofd.
Deze verhalen dienden ter geleiding van grote vragen die Sacks bezig hielden, over de menselijke geest. Het ging over de evolutionaire geschiedenis van het menselijk bewustzijn, over hoe het denken fysiek werkt, en de vorm van geheugen en gedachten. Door te onderzoeken hoe en waarom het mis ging bij mensen met een neorologische aandoening en te achterhalen hoe een geboren dove denkt, kwam hij aanwijzingen tegen die zijn begrip van het bewustzijn vormgaven.

Ik las zo veel, voor mij nieuwe, inzichten over mijn eigen denken. Af en toe trok ik mijn ogen van het papier om een blik te werpen op de omgeving waarin ik me bevond. De lucht verschemerde steeds meer en de groene kleuren verschoven met het veranderende licht. Dieren begonnen aan hun avondmaaltijd en stoorden zich geenszins aan mijn aanwezigheid. Hetgeritsel van omgeslagen bladzijden hadden ze kennelijk, samen met die vorm op dat bankje, gereduceerd tot deel van de omgevingsruis. Voor mij in het gras waren drie hazen de buurt aan het verkennen, naast mij fourageerden konijnen. In het slootje gingen twee eenden op weg naar huis en boven mij hadden twee merels een goed gesprek voor het slapengaan. Ze waren allemaal rustig bezig, net als ik, op een paar meter van mijn bankje. Nog nooit heb ik mij zo onderdeel gevoeld van een natuuromgeving, in plaats van toeschouwer.
Met lichte tegenzin verliet ik mijn bankje, omdat het wat koud werd en ik de letters niet goed meer zag. Voldaan en met wat nakabbelende ideeen in mijn hoofd stapte ik mijn flat weer binnen, met het voornemen meer van dit soort avonden mee te maken.
Deze keer (woensdag 10 juni 2009) geheel verzorgd door Joen.


Op 10 juni 2009 om 16:25 zei John :
Klinkt wel lekker hoor Joen. Zulk soort dingen zijn belangrijker dan je denkt. Het helpt je relativeren en geeft je de ruimte in je hoofd om de nodige verheldering te krijgen. Zeker nu de lange zomeravonden eraan komen heb je volop kans
Op 18 juni 2009 om 9:25 zei Frank :
Oliver Sacks is een held, had daarom ook wel iets meer diepgang over zijn werk verwacht, maar dat is niet je doel van het stukje geweest waarschijnlijk (idee voor de toekomst?)
Ik kan je overigens ook van de harte Godverdomse dagen van Dimitri Verhulst aanraden voor op je bankje.
Op 18 juni 2009 om 13:43 zei Joen :
@Frank: Oliver Sacks is inderdaad echt een held, verschrikkelijk goed in het vertellen van goede verhalen. Ik heb ‘Uncle Tungsten and my chemical boyhood’ gelezen, over zijn jeugd. Daarin vertelt hij doodleuk hoe hij thuis chloorgas ging maken, of met vast natrium ging spelen. Ik ga binnenkort wel beginnen aan een meer neurologisch getint boek van hem, daar hoor ik veel goede dingen over. Maar dit interview kan ik zeker aanraden, omdat je hem daar echt hoort praten en daardoor een beetje een beeld van zijn persoon krijgt, vol twijfel en voorzichtigheid. Erg mooi.
Ik zal je tip in mijn achterhoofd houden als ik zonder boek dreig te raken, klinkt als een heel goed boek in de besprekingen.
Op 12 november 2009 om 13:32 zei Joen :
Lichtelijk off-topic, maar hierdoor
http://www.nu.nl/politiek/2121540/vvd-wil-natuurbescherming-inperken.html
wordt Nederland echt onleefbaar.
Op 12 november 2009 om 17:56 zei John :
@Joen: Denk je dat die wegen, bomen en dat bankje waar je op hebt zitten genieten door natuurbeschermers is aangelegd?
Op 12 november 2009 om 18:15 zei Joen :
@John: Nee, maar Rijkswaterstaat wilde wel heel erg graag een snelweg aanleggen door “[...] wat grasland en de bomen van Rhijnauwen” uit dit stukje. De plannen lagen al helemaal klaar. Dan was mijn uitzicht een snelweg geweest.
Gelukkig overigens heeft de heer Eurlings geheel juist geheel juist gehandeld in deze zaak, en gezegd dat Rijkswaterstaat geen snelweg langs Rhijnauwen mag leggen.